Interview met Rob Dekay

Toen ik de kaarten voor Rob Dekay en Stephanie Struijk voor in de Mezz kocht, nam ik contact op met Rob. Rob was zei meteen dat het goed was dat ik hem zou interviewen na hun optreden en zo geschiede. Na het concert liep ik mee met Rob om hem backstage te kunnen interviewen, waar ook bandleden Tim van Ouwerkerk (gitarist), Ruben van der Velde (drums), Bernard Gepken (gitaar en banjo) en Pieter Bakker (bassist) in de kleedkamer zaten.

De meeste artiesten maken popmuziek en zingen Engelstalig, waarom heb jij voor Nederlandstalige countrymuziek gekozen?

Rob: ”Ten eerste, ik zing Nederlandstalig omdat het mijn eigen taal is en ik niet in concepten hoef te denken en dus gewoon in mijn spreektaal kan zingen. Ik heb niet perse ambities om de grens over te gaan. Zuid-Afrika en België zou heel erg leuk zijn en andere Nederlandstalige gebieden. Maar voor de rest, ik woon waar ik woon en daar ben ik gelukkig. Wie weet sta je ineens in Amerika, dar heb ik helemaal geen zin in. ”

Dus voor jou nooit een andere stad dan Deventer?

Rob: ”Nou misschien, maar hoe het er nu uitziet hoeft dat niet nee.Voor mij hoeft dat niet. Daarom vind ik Nederland ook zo fijn, het is gewoon mijn eigen taal, ik hoef dan niet in concepten te denken zoals: ”I love you, wat rijmt er op you?” Het is voor mij makkelijk. Ik weet niet of ik mezelf echt als countryzanger kan bestempelen , maar ik hou wel van die elementen. Country wordt niet veel gedaan in Nederland, dus daarin heb ik het idee dat ik mezelf ben en blijf en daarmee een unieke vis in de vijver ben.”

Heb je het idee dat je na het zingen van de titelsong voor de film Weg van jou de waardering hebt gekregen die bij je past?

Rob: ”Nou ik ben net begonnen, dus ik moet wel zeggen dat Weg van jou heeft geholpen om een nieuwe groep mensen aan te boren.”

Rob-Decay-1920x1080

Je hebt in de film ook een glansrol als Zeeuwse artiest op het dorpsfeest

Rob: ”Nee nee, ik ben zeker geen Zeeuwse artiest, ik ben daar ook gewoon mezelf.

Zo wordt het wel een beetje in de film gepresenteerd

Rob: ”Ja oké, maar als ik in Deventer naar een feest ga, dan spelen ook niet alleen bands daar uit de omgeving. Dan wordt er gewoon een coole band uit het land uitgezocht. Ik speel in de film gewoon mezelf, dus het is een gemixte Hollandse bent met een Sallandse zanger. Ik snap wat je zegt maar ik zag het net anders.”

Jullie hebben met de band ook de clip voor weg van jou opgenomen in Zeeuws-Vlaanderen!

Rob: ”De een heeft een kip op zijn hoofd gehad in de clip en weer een ander bandlid heeft naast een geit gitaar gespeeld. Dat is wel leuk aan de hele act, het is natuurlijk wel Rob Dekay omdat ik ooit ben begonnen met mijn liedjes. Maar de band is wel een vaste groep, we wisselen niet, tenzij er iemand niet kan optreden. Het opnemen en maken gebeurd met de vaste groep, die al vanaf het begin hetzelfde is. Dat maakt het ook leuk, anders gaat het op een baan lijken.”

Is een baan een slecht iets dan?

Rob: ”Nou als ik een baan had gewild had ik er wel een gezocht.”

Optreden als muzikant is toch ook een baan?

Rob: ”Zeker, een baan is natuurlijk iets waar je geld aan verdient. Het is voor mij de kunst om iets te doen wat ik leuk vind, zonder dat ik het idee heb dat ik een baan heb. Het moet geen moeten worden. Het moet wel, maar het is hartstikke leuk.”

BFO2017-Rob Dekay AMK.jpg

Ben je weleens met tegenzin naar een concert gegaan?

Rob: ”Nee, eigenlijk niet. In het ene concert heb je meer zin dan in de ander. Ik ben wel een keer heel ziek geweest op een optreden, dat wel. Verder niet, ik heb de leukste baan ter wereld.”

Jullie touren nu door het land, waarbij jullie in veel verschillende zalen spelen. Is er een zaal waar jullie nog graag in zouden spelen waarin jullie nog niet gespeeld hebben of in gaan spelen in deze tour?

Rob: ”Ja, ik wil nog een keer in Volendam optreden.” Lijkt me fantastisch!”

De palingsound erin gooien?

Rob: ”Absoluut, Volendam lijkt me heel leuk!

Ga je dan ook in klederdracht optreden?

Rob: ”Als ze me boeken in Volendam, dan zal ik dat zeker overwegen. Ik wil namelijk al heel mijn leven naar Volendam, ik heb gewoon een vrije NS reiskaart, dus ik kan elke dag gaan. Maar ik stel dat moment uit, omdat ik dan ooit naar Volendam ga en denk: ”Nou ben ik er!”. Waarom dan niet gelijk spelen?

36816682066_f26a7a564b_b
Gitarist Tim van Ouwerkerk

Altijd leuk om te vragen aan muzikanten, wat is jullie guilty pleasure qua muziek?

Tim: ”Ik zei vandaag tegen Ruben, maar ik weet niet of dat echt een guilty pleasure is, dat is Korn.”

Rob: ”Oe, dat is geen guilty pleasure toch?”

Tim: ”Het is op zich toch wel weer een beetje fout iets in.”

Rob: ”Omdat het zo beukerig is?”

Tim: ”Dat is op zich wel lekker, er zit een soort sausje overheen wat niet helemaal meer kan. Maar dat vond ik heel cool toen ik een jaar of veertien was. Een soort jeugdsentiment.”

Rob: ”Ik kom denk ik toch weer uit op Volendam, Nick en Simon bijvoorbeeld. Maar meer echt dat Oudhollandse van de Jordaanse muziek, een beetje dat Hollandse kan ik wel waarderen. Dat vind ik wel leuk.”

Pieter: ”Dolly Parton, denk ik. Ik vind alles van haar te gek, als zij I will always love you zingt dan dan smelt ik gewoon.”

Rob: ”Ik vind haar ook te gek, maar ik vind haar zo legendarisch dat ik het geen guilty pleasure durf te noemen. Dan moet ik misschien zeggen in dat verlengde System of down, Josefine ken je System of a down? Dat ga je te gek vinden, alleen je buren iets minder! System of a down is ook lekker beuken.”

Dit vind ik echt meevallen, mijn guilty pleasure is Step right up van Jamai!

Rob: ”Ja, dat is wel echt een guilty pleasure.”

Is dat negatief bedoeld?

Rob: ”Nee hoor.”

Tim: ”Misschien ben ik voor echte guilty pleasures gewoon te Randstad.”

Rob: ”Maar misschien is dat gewoon meer iets van het oosten, noorden en zuiden van Nederland.’

Voortbordurend op favorietjes, wat is jullie lievelingsnummer van jullie zelf om te spelen?

Rob: ”Ik ben benieuwd eigenlijk! Tim, dit vind ik wel een hele goede vraag, die ik je nog nooit heb gesteld.”

Tim: ”Het zijn er eigenlijk een paar, van de nieuwe is het sowieso Vanavond, dat is mijn nieuwe favoriet.

Rob: ”Dat walsliedje”

Tim: ”Eigenlijk zijn ze allemaal vet, je denk de hele avond ”Zo, dat is mooi eigenlijk.” Dat je dat dan aan het spelen bent”

Pieter: ”Voor mij? Ik vind het elke avond heel erg leuk om Het vuur moet hoger te spelen.”

Rob: ”Echt waar?”

Pieter: ”Zeker, serieus!”

Rob: O, wauw!”

Tim: ”Ik vind dat gewoon een heel leuk liedje om te spelen en het is een verrassend liedje. Want we hebben hem echt voor in de winter gemaakt, hij is echt een beetje soul zeg maar. Weg van jou vind ik ook verrassend leuk om te spelen. Ik dacht eerst : ”Die moet in de set.”Maar hij knalt gewoon echt en dat is super leuk om te spelen.”

Rob: ”Bij mij is het Geven en nemen, omdat ik me dan altijd realiseer dat ik dit echt doe en dat ik dit nu mag doen en dan denk ik toch altijd een beetje terug aan die oude tijd. Bij Geven en nemen kan ik weer een oud gevoel oprakelen, wat ik in het moment heel erg kan waarderen”

Mensen betalen je zelfs om je naar je te komen luisteren.

Rob: ”Zo ver denk ik niet na. Maar het is wel cool dat mensen speciaal voor jou komen. Rode wijn blijft ook altijd een feestje om te spelen. Het zijn er wel meer, ik vind alles leuk eigenlijk, maar Rode wijn is altijd een feestje om te spelen. Er zijn altijd mensen die meekomen met anderen, die misschien nog een beetje twijfelen, als die Rode wijn horen dan zie je ze denken: ”Deze band is toch wel te gek. ”

Ik heb mijn lievelingsnummer vanavond niet voorbij horen komen, O.N.S. verhaal.

Tim: ”Die spelen we eigenlijk helemaal nooit meer.”

Pieter: “Op Noorderslag hebben we die gespeeld en daarna nooit meer.”

Rob: ”Daarna dachten we: ”Dit is niet meer ons verhaal.” Het is er gewoon een beetje uit geslopen.”

De zin: ”Ik vind je eigenlijk best leuk, maar daar blijft het dan ook bij.” die in het refrein zit lijkt me nog steeds briljant om een keer te gebruiken.

Pieter: ”Nou ik zal je eerlijk zeggen, een vriend van me heeft dat ooit een keer of vijf tegen een meisje gezegd en daar heeft hij nu een kind mee.”

(ze moeten heel hard lachen)

Rob: ”Dat ging niet helemaal goed. Trouwens wel scherp van je, ONS verhaal is de enige die we niet spelen.”

Tim: ”Dus gebruik de zin maar niet.”

Welke muziek luisteren jullie zelf veel? Luisteren jullie ook de muziek die jullie zelf maken?

Rob: ”Ik luister nooit mijn eigen muziek. Als iets nieuws maken luister je daar wel veel naar, om het te verbeteren. Of ik luister hem omdat het nummer dan in zijn nieuwigheid zo vet is , dat dat leuk is om te luisteren. Maar op een gegeven moment doe je dat niet meer. Dan is het nieuwe er van af en dan is het ”for life”, dan heeft het zijn plekje. Voor de rest luister ik tegenwoordig veel als ik vrij ben naar muziek zonder vocalen, dan zet ik hele oude delta blues aan, met alleen maar instrumentals. Dan zit ik gewoon een beetje in mijn tuin te rommelen. Of ik luister klassiek.”

Bernard: ”Wat Rob zegt dat klopt, volgens mij is er geen artiest die naar zijn eigen muziek luistert”

Rob: ”Dotan misschien”

Bernard: ”Als iets heel lang gelden is, dan luister ik weleens naar een nummer dat we hebben gemaakt.”

Rob: ”Ik denk dat het niet zo gezond is om naar jezelf te luisteren.”

Waarom is het niet gezond om naar je eigen muziek te luisteren?

Rob: ”Misschien in mijn geval, omdat ik de zanger ben. Bernard is gitarist en dat is dan misschien minder. Het is bijna alsof je een spreker bent die naar zijn eigen gedichten gaat luisteren, in mijn geval.”

35181622_350_350

Heb je dan last van een duiveltje op je schouder die je op je fouten of mindere dingen wijst?

Tim: ”Wij maken geen fouten hoor!”

Rob: ”Nee dat weet ik niet. Je luistert in het maakproces uit ten treuren naar je liedjes omdat je het perfect wil maken. Op een gegeven moment heb je het gevoel dat dit hem is en dan laat je hem los en dan hoef je hem ook niet meer op te zetten. Maar dan speel je hem wel live. Als ik bijvoorbeeld met vrienden ben die een nummer van mij heel vet vinden en die willen aan zetten, dan stel ik toch wat voor om iets anders aan te zetten.

Is er een artiest die jullie gezamenlijk heel tof vinden en die in jullie ogen te weinig waardering krijgt?

Pieter: ”Bernard Gepken vind ik wel zo iemand!”

Rob: ”Daar ben ik het wel mee eens.”

Is het trouwens Rob Dekeee of Rob Dekai als uitspraak?

Rob: ”Wat denk jij?”

Ik weet het niet, daarom vraag ik het aan jou. Op nationale televisie werd je naam als Rob dekee uitgesproken.

Rob: ”Als jij altijd Dekay altijd Nederlands heb uitgesproken is het in principe fout.”

Tim: ”Ik hoor altijd Laurel”

Rob: ”Is het nou Laurel of Dekay? Maar het is dus Dekee als uitspraak.”

Buiten dat jullie de muziek spelen, wat maakt jullie muziek uniek?

Rob: ”Ik zou zeggen, dat het een iets zeldzame mix van platte pop tot folk. Ik hoor het niet zo veel in Nederland. Zoals zo’n Weg van jou kun je heel plat benaderen, zoals een plat popliedje, maar aan de andere kant is het ook wel weer een diep liedje. Zoals Geven en nemen bijvoorbeeld. Het is een Nederlands popliedje, maar het heeft wel een folk-jas aan. Ik denk dat dat ons uniek maakt, in ieder geval uniek genoeg.”

Jullie denken niet in vast muziekhokjes qua genres?

Rob: ”Ik vind het zelf heel moeilijk, ik zou niet snel zeggen dat ik country muziek maak. Ik snap wel dat mensen vinden dat het Nederlandstalige country is, ik snap dat. Ik heb er vrede mee als iemand dat zo noemt, maar daar moet ik zelf niet aan beginnen. Andere mensen moeten zeggen: ”Je maakt echt makkelijke popliedjes met een banjo.” Nou dan mag je het zo zien. Iedereen heeft daar zijn eigen idee bij, dat is niet aan mij. Het maakt mij eigenlijk niet zo veel uit hoe mensen het noemen. ”

index
V.l.n.r: Ik, Stephanie Struijk, Rob Dekay

Een banjo is een onorthodox instrument in de popmuziek, hoe kijken jullie naar de bezetting van de band?

Tim: ”Ik vind het helemaal niks. Het is dat degene die banjo speelt zo’n aardige kerel is.”

Rob: ”Weet je wat het is? Ik ben eigenlijk niet zo bezig met wat andere mensen van me vinden. Ik vind dit heel leuk om te doen. Als ik een hit wilde scoren of groot willen worden in een korte tijd, dan had ik wel autotune aangeknald en had ik andere muziek gemaakt. Dit is wat ik zelf heel erg leuk vind en ik ben aangenaam verrast dat er andere mensen zijn die het ook heel erg leuk vinden.

Dus in eerste instantie maak je de muziek die je maakt voor jezelf?

Rob: ”Exact en dat andere mensen daarnaar willen luisteren is een leuke bijkomstigheid. Dat is het eerlijkste antwoord dat ik kan geven. Het maakt me niet ui hoe mensen het noemen, qua genre. Dit is wat het is, dit is wat wij willen. Dit vind ik heel cool, stoer en stijlvol. Ik ben blij dat er meer mensen zo over denken.”

Pieter: ”Maar als je iets maakt voor andere, als die het dan niet leuk vinden, dan heb je helemaal niks. Als je iets maakt wat je zelf leuk vindt en andere vinden het niet leuk, dan vind je het in ieder geval zelf nog leuk. Makkelijke keuze toch?”

Rob: ”Ik geloof wel in je eigen weg volgen.”

Rob, je had het tijdens het optreden over een moeilijke periode, ben je nu een stuk gelukkiger nu je muzikant bent?

Rob: ”Absoluut niet, ik echt huil de dagen door, maar ja… (Rob moet lachen) Nee, ik ben heel gelukkig met wat we doen , wat we zien en mogen meemaken. Heel mijn leven is fantastisch. Ik heb een roze paraplu thuis en als ik helemaal op mijn best ben dan trek ik hem open en dan kijk ik rond of loop ik door mijn huis, dan ben ik gelukkig. Dus ik voel me echt goed. ”

Ik wil Rob en zijn bandleden heel erg bedanken voor het leuke interview. De gesprekken die ze onderling voerden waren grappig en interessant. Ik denk dat Rob Dekay en zijn band zeker een formatie is waar we in de toekomst nog veel van gaan horen. Als je nou heel benieuwd bent geworden of naar een concert wil van Rob Dekay, ga dan naar Robs site.

Groetjes,

Josefine

Advertenties

Interview met vintage kleermaker Tom van het Hof

Een tijdje geleden kwam ik een wel heel gaaf account tegen op instagram, @tom.van.het.hof een kleermaker die gespecialiseerd is in het maken van historische herenkleding. Ik zag zo veel gave en verschrikkelijk mooie pakken voorbij komen, Tom is niet voor niets cum laude afgestudeerd tot meestercoupeur. Van een rokkostuum uit de jaren 40 tot een double-breasted pak uit de jaren 20, Tom maakt alles, en hoe! Een tijdje later raakte ik met Tom aan de praat en vroeg hem  of hij het leuk zou vinden om geïnterviewd te worden zei hij meteen ja. Ik vind het heel erg leuk dat ik deze absolute vakman mag interviewen.

 

Tom aan het werk.

 

Tom, we zien vooral historische pakken  voorbij komen op je instagramaccount, waar komt die voorliefde voor historische kleding vandaan?

Tom: ”Ik had nog niet echt interesse in historische herenkleding tot ik de verfilming van Sherlock holmes uit 2009 zag.  Het wakkerde een interesse in me aan om kleding uit die tijd te gaan dragen en daarna ook het maken ervan. Door de interesse in de kleding uit 1880/90, ontstond er later ook een voorliefde voor kleding uit jaren 20/30. En in die periode ben ik ook een beetje blijven steken.”

Wanneer wist je dat je kleermaker wilde worden?

Tom: ”Ik was al een jaar of drie bezig met historische kleding maken voor mezelf, in mijn laatste jaar van mijn middelbare school kreeg ik de ambitie om ook voor anderen kleding te maken. Ik werd toegelaten tot de meesteropleiding coupeur in Amsterdam. Zo ben ik uiteindelijk beland in het circuit van ZZP’ers binnen het kleermakerschap.”

MBIMG_0607_resized
Een door Tom gemaakt sportief tweedjasje en corduroy vest.

Draag je zelf altijd vintage kleding?

Tom: ”Ja, niet altijd vintage. Maar ik draag wel altijd kleding met een vintage uitstraling. Meestal draag ik een combinatie van zelfgemaakte en gekochte kleding. Ik vind de kleding van nu niet echt esthetisch verantwoord, want esthetiek is in mijn dagelijks leven erg belangrijk voor me. Die esthetiek heeft vintage kleding wel voor mij, met name de kleding uit de jaren 30, omdat de mode uit die tijd iedere lichaamsvorm mooi kleed. De nadruk van de mode uit de jaren 30 ligt vooral op het atletisch weergeven van het lichaam, en zelfs mensen die dat lichaamstype niet hebben krijgen dat wel in die kleding. Ik draag ook graag vintage kleding omdat de kwaliteit van de kleding veel hoger lag, kleding was een investering een geen wegwerpartikel zoals mode nu is. Er werd veel meer gekeken naar kwaliteit van stoffen en er werd met echt vakmanschap aan gewerkt, twee dingen die je nu bijna niet meer ziet.”

Wat voor reacties krijg je op je vintage kledij?

Tom: ”Sommigen mensen waarderen het, sommige mensen keuren het af. Maar ik draag waar ik me fijn in voel en dat is deze kleding, daarbij maakt het me niet zo veel uit wat mensen van me vinden en doe ik mijn eigen ding. ”

Hoe ziet een dag van een kleermaker eruit?

Tom: ” Het verschilt per dag en hoe druk ik het heb met opdrachten. Op een normale dag sta ik op, ontbijt ik kleed ik mij aan en laat ik de hond uit, daarna duik ik mijn atelier in in Zaandam. Het fijne is aan eigen baas zijn is dat je je eigen tijden kunt indelen. Als iets niet meteen lukt kan ik het naast me neerleggen en later weer oppakken, dat kan bij een normale baan niet.”

Klopt het cliché dat kleermakers tot in de late uurtjes in hun atelier werken?

Tom: ”Tot een bepaalde hoogte klopt dat, tuurlijk maak je als kleermaker weleens overuren. Maar ik moet een hele dag constant geconcentreerd aan het werk, en dat eist uiteindelijk zijn tol. Hierdoor kan ik niet te lang doorwerken, want dan ga ik fouten in mijn werk maken. Op tijd rusten is voor de kwaliteit van je werk heel erg belangrijk.”

Toms meesterproef gemaakt van een voorbeeld, foto: Gentlemen’s Gazette

 

Op welk project ben je het meest trots tot nu toe?

Tom: ” Dat was mijn meesterproef, een kostuum naar aanleiding van een afbeelding uit 1934. Op die afbeelding stond het ultieme kostuum voor mij, maar ik heb hem uiteindelijk voor een goede vriend van me gemaakt. Het is mijn favoriete project omdat ik het kostuum helemaal historisch correct gemaakt, dus heel veel handwerk. Het is een typisch zakelijk kostuum uit die tijd en het is ook gemaakt naar aanleiding van een patroon uit de jaren 30. Het was echt alsof ik met het maken van dit kostuum terug in de tijd ging.”

Gaat elk project je makkelijk af?

Tom: ”Een project gaat eigenlijk nooit helemaal volgens plan. Er gaat altijd wel iets niet naar wens. Door mijn perfectionisme zie ik alle kleine fouten, zoals een heel klein plooitje of een asymmetrie. Mijn klant ziet dat niet maar ik wel. Bijvoorbeeld knoopgaten:  die maak ik met de hand, maar ik erger me er erg aan als er dan net eentje niet helemaal mooi is. De mouwen moeten perfect gelijk zitten, maar dat gaat meestal niet in een keer. Ik houd er wel altijd rekening mee dat ik zeer perfectionistisch ben en dus alle kleine foutjes zie, maar als de klant gelukkig is ben ik dat ook.”

c5dcb3a8f0664e7eaf0c16f566e037d8(1)Voorbeelden van Norfolk-kostuums, foto: Gentlemen’s Gazette

 

Is er een kledingstuk dat je nog heel graag zou willen maken?

Tom: ”Ik zou graag een traditioneel Engels jachtkostuum voor mezelf willen maken; het zogeheten Norfolk-kostuum is het toppunt klassieke sportieve herenkleding, het is praktisch en sierlijk ter gelijkertijd. het is erg flamboyant op een mooie bescheiden manier, waardoor ik het een ronduit prachtig kostuum vind en het graag zou willen maken.”

Ben je een criticus als het gaat om vintage kleding in voorstellingen/ films?

Tom: ”Extreem, als de kostuums niet mooi zijn of niet helemaal kloppen kan ik me er dood aan ergeren. Als dingen echt niet correct zijn kan ik niet meer serieus naar die film kijken. Ik vraag me dan ook telkens af hoe ik die kostuums zou hebben gemaakt. Soms heeft een acteur in mijn optiek iets aan wat helemaal niet bij zijn of haar lichaamsbouw past,of totaal niet historisch correct is, dat vind ik ronduit zonde.”

Een door Tom gemaakt jaren 20′ kostuum gemaakt naar origineel patroon.

 

Heb je grote ambities als het gaat om in opdracht werken? (zoals voor musicals of films?

Tom: ”Het lijkt me erg leuk om voor de filmwereld te werkend, maar kleding voor in musea is nog leuker. Ik heb ooit een replica van een koetsiersjas 1890 gemaakt in opdracht voor het museum Van Loon in Amsterdam, dat was na mijn meesterproef het leukste project wat ik ooit heb mogen doen. Het op authentieke wijze vervaardigen van een historisch kostuum is heel mooi om te mogen doen, en al helemaal als het geposeerd wordt en ieder jaar door duizenden mensen wordt bekeken.”

De koetsiersjas gemaakt door Tom voor het museum Van Loon in Amsterdam.

 

Er zijn steeds meer mensen die weer vintage kleding gaan dragen, denk je dat het een soort nieuwe hype is?

Tom: ”Nou een hype denk ik niet, maar je merkt wel dat de vintage stijl wel populairder. Maar echt authentieke vintage kleding dragen is echt een levensstijl, dus dat doe je niet zomaar. Een hype is meestal iets wat je meteen kan doen, terwijl een vintage kleding garderobe bij elkaar verzamelen echt een paar jaar duurt. Ik denk daarom omdat het zo lang duurt om zo veel kleding te verzamelen dat je het dagelijks in stijl kan dragen zo veel moeite kost dat het dragen van echte vintage kleding geen hype wordt.”

IMG_20170927_152406_888_resized

Een authentiek vervaardigde geklede jas uit het jaar 1900, naar origineel patroon.

 

Denk je dat de jaren 40 door vintage liefhebbers geromantiseerd wordt?

Tom: ”De jaren 40 was politiek gezien een hele turbulente periode, maar de dagelijkse mode staat daar voor mij los van. Maar uniformen en ambtskledij zijn natuurlijk wel vermengt met politiek in uit die tijd, maar ik vind dat je met net zo’n schoon geweten burgerlijke kledij uit de jaren 40′ kan dragen  kleding uit de jaren ervoor en erna.”

 

Ik vond het heel erg leuk om Tom over zijn vak en zijn passie voor historische kleding te mogen interviewen. En ik hoop dat we in de toekomst nog veel van deze getalenteerde kleermaker gaan horen! Mocht je na het lezen van dit interview contact met Tom willen opnemen?

Tom van het Hof
E-mail: tom-v-hof@live.nl
Instragram: @tom.van.het.hof

Groetjes,

Josefine

 

 

 

 

 

 

 

 

Interview met blogger Demi Lous

Al langer had ik contact met mede-blogger Demi Lous (eerlijkongezouten.nl), toen Demi een oproepje poste op Instagram. ”Ik heb een nieuwe lens voor mijn canon en op wie mag ik hem uitproberen?” Dat is altijd leuk, dus ik reageerde meteen, zo ontstond het idee om samen een fotoshoot voor onze blogs te doen en elkaar te interviewen over onze ”hobby”.

 

Hoe ben je begonnen met bloggen?

D: ‘’ In vwo 5 ben ik begonnen met het bouwen van een website op blogger.com, ik keek vooral veel naar de lay-out. Ik hield me niet veel bezig met tekst, maar meer met het ontwerp van verschillende foto’s en lay-outs.’’

index

 

Hoe ben jij begonnen?

J: ‘’Ik ben begonnen op mijn vijftiende, ik wilde graag een blog beginnen over mijn hobby: IJslandse paarden. Ik merkte dat er online weinig tot geen reviews waren van producten bedoelt voor deze tak van sport. Mensen konden dus heel moeilijk een inschatting maken van de kwaliteit van een product. Daar wilde ik graag verandering in brengen.

Blog je nu nog steeds over IJslandse paarden?

J: ‘’Toen ik merkte dat de verhalen omtrent IJslandse paarden opraakten, wilde ik graag blijven bloggen maar dan wel overs iets wat niet eindig was. Nu blog ik daarom vooral over cultuur. Denk aan theater en muziek. Ook wilde ik meer gaan doen met interviews. Ik ben erg nieuwsgierig aangelegd en vind het leuk om dingen over andere mensen te weten te komen.’’

Aan wat voor soort interviews denk je dan?

J: “ Ik vind het vooral interessant om iemands motivatie achter bepaalde stappen in zijn of haar leven te ontdekken. Onlangs ben ik bijvoorbeeld naar de musical de Soldaat van Oranje geweest. Anton, de badguy uit de musical, sprak mij het meest aan. De acteur speelt de rol van de slechterik, maar is niet 100 procent slecht te noemen. Hoe lastig moet het wel niet zijn om een nuance zoals deze aan te brengen in een rol. Heeft hij daarom misschien bewust voor de rol van Anton gekozen?’’

WhatsApp Image 2018-03-07 at 22.58.15Wat vind jij het leukste om over te bloggen?

D: ‘’ Pfff, het leukste? Dat is lastig, ik vind zo veel dingen leuk. Het is voor mij misschien het leukste om mensen aan het denken te zetten, mijn blog heet niet voor niets ‘’Eerlijk ongezouten’’. Het is leuk om taboe’s te doorbreken.’’

Praat je in het dagelijks leven ook makkelijk over taboe’s?

D: ‘’Ja ik houd hou er niet van als mensen niet over dingen praten, ik geef zelf de olifant in de kamer graag een naam en draai er niet omheen.’’

Eigenlijk bevind jij je nu in het schuitje waar ik mij zeven jaar geleden in bevond. Je begint opnieuw met bloggen en hebt nog heel wat vruchtbare blog jaren voor je. Wat hoop je te bereiken in de komende zeven jaar?

urgfwu5eyJ: ‘’Ik hoop dat ik er over zeven jaar vooral nog steeds ontzettend veel lol aan beleef. Daarnaast hoop ik een aantal inspirerende mensen te mogen interviewen. Ook afwisseling is voor mij erg belangrijk. Ik wil niet iets moeten doen omdat het moet of omdat het hoort, maar omdat ik er interesse in heb. Hoe meer je open laat, hoe meer vrijheid je hebt. Ik wil mijn blog in ieder geval niet in een hokje moeten stoppen. Iets wat bij mijn eerdere website na verloop van tijd wel gebeurde.’’

Demi, wat had je achteraf anders willen doen met je blog?

D: ‘’ Ik ben eigenlijk vrijwel gestopt met bloggen toen ik begon met studeren, terwijl ik net zo lekker bezig was. Maar op mijn opleiding hamerden ze op mijn privacy. Als leraar is het goed als je afstand bewaard, dat zou moeilijk worden met mijn blog. Achteraf heb ik er spijt van dat ik toen ben gestopt, ik had gewoon door moeten gaan.’’

Waaraan merkte je dat je blog zo lekker liep?

D: ’’ Dat ik voor het eerst in twee jaar benaderd werd door perslijsten, ik werd ineens gevraagd voor de opening van de Primark. Ik haalde veel voldoening uit mijn werk omdat ik het idee had dat anderen zich ook in mij gingen interesseren.’’

Laat jij je wel eens tegenhouden door iets als het op bloggen aankomt?

J: ‘’ Nu niet meer, maar in de tijd dat ik blogde over IJslanders wel. Een kritische post kan heel gevoelig liggen en een hoop nare reacties opleveren. Tien leuke reacties wegen natuurlijk zwaarder dan één negatieve reactie, maar omdat het wereldje zo klein was, was ik toch bang om mezelf in de vingers te snijden. Soms dacht ik wel eens: hoe vaak met ik nog op mijn tong bijten? ’’

WhatsApp Image 2018-03-07 at 23.06.06(2)

 

Hoe ga jij met negatieve reacties om?

D: ‘’ Ten eerste krijg ik bijna geen negatieve reacties. Ik heb onder een blogpost gelukkig nog geen kritische reacties ontvangen. Stel je hebt een hotel, dat dat redelijk ok is,  ziet op internet slechte reacties. De mensen die negatief zijn nemen wel de moeite om de negatieve reactie te schrijven, terwijl er zo veel mensen zullen zijn die positief zijn die geen recensie plaatsen. Tegenover een negatieve reactie staat wel drie onuitgesproken positieve reacties.’’

 

 

Ben je zelf iemand die snel positieve reacties plaatst?

D: ‘’Ik zou niet zo zeer negatief zeggen, maar kritisch. Als ik onwaarheden spot bij andere bloggers spot, dan laat ik wel in mijn reactie merken dat ik het niet helemaal pluis vind. Dat probeer ik wel op een subtiele manier te doen.’’

Hoe sta jij daarin?

J: ‘’Als ik iets echt slecht vind, laat ik het weten, maar als ik iets goed vind laat ik het ook weten. Zo stuur ik via Facebook regelmatig een berichtje naar een acteur of actrice als ik zijn of haar werk in een stuk wat ik bezocht heb goed vond. Negen van de tien keer krijg ik dan een spontane reactie terug. Het is immers ook gewoon ontzettend leuk om positieve reacties te krijgen. Op deze manier probeer ik mensen te motiveren om door te gaan met dat waar ze mee bezig zijn.’’

WhatsApp Image 2018-03-07 at 22.58.16Wat vond je van deze samenwerking?

J: ” Ondanks dat bloggen steeds populairder wordt, ken ik in mijn persoonlijke leven vrij weinig mensen die dezelfde hobby hebben als ik. Ik vind het daarom leuk om iemand te ontmoeten met dezelfde interesses. Ook het fotograferen vond ik leuk. Ik heb zelf geen camera, maar was op deze manier toch in de mogelijkheid om met fotografie te experimenteren. Nieuwe dingen leren en nieuwe mensen ontmoeten: daar haal ik energie uit.”

D: ” Ik vind het altijd leuk om mensen te leren kennen. Ik vind het interessant om je te leren kennen buiten leerling van het Dongemond college waar ik heb gewerkt, later dacht ik wel moet ik dat dan wel doen? Maar dat is juist waarom ik weer ben gaan bloggen omdat ik het wel leuk vind om veel nieuwe mensen te ontmoeten. Het was alleen wel koud, maar de warme chocomel maakte veel goed.”

 

Demi Lous & Josefine van Vessem

Dit artikel is gemaakt in de Conceptstore to Daze in Geertruidenberg, nogmaals dank voor deze fijne locatie!

Blog op WordPress.com.

Omhoog ↑

%d bloggers liken dit: